Ruim een kwart van de Nederlandse vrouwen vindt haar gezondheid niet goed. Dat blijkt uit de nieuwste cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek, gebaseerd op de Gezondheidsenquête 2025. Vergeleken met mannen scoren vrouwen slechter op vrijwel alle maatstaven voor lichamelijke en mentale gezondheid. Hoe dat precies zit en wat eraan ten grondslag ligt, leggen we hieronder uit.
De cijfers: wat het CBS precies meet
In 2025 zei 26 procent van de vrouwen haar gezondheid niet goed te vinden. Bij mannen was dat 21 procent. Een verschil van vijf procentpunten klinkt misschien klein, maar vertaald naar de totale bevolking gaat het om honderdduizenden mensen extra.
Ook het gebruik van zorg verschilt opvallend. Tweeënzeventig procent van de vrouwen had het afgelopen jaar minstens één keer contact met de huisarts, tegenover 66 procent van de mannen. En dat is niet het enige: vrouwen bezoeken ook vaker een specialist, fysiotherapeut, psycholoog of psychiater.
Vrouwen en chronische klachten
Sommige aandoeningen komen bij vrouwen beduidend vaker voor. Zo hebben vrouwen ongeveer viermaal zo vaak last van ongewild urineverlies. Migraine, darmaandoeningen, gewrichtsontsteking en gewrichtsslijtage komen bij vrouwen twee keer zo vaak voor als bij mannen.
Dat zijn geen kleine aandoeningen: ze beïnvloeden het dagelijks leven flink. Chronische pijn, vermoeidheid en beperkte mobiliteit stapelen op en werken door in andere aspecten van gezondheid, zoals slaap en concentratie. Je dag afstemmen op je cyclus kan hierbij een merkbaar verschil maken, bijvoorbeeld door zwaardere activiteiten te plannen in de eerste helft van je cyclus, wanneer je energieniveau van nature hoger ligt.
Mentale gezondheid: het stille verschil
Bijna de helft van de vrouwen (47 procent) ervaart gevoelens van angst of depressie, tegenover 36 procent van de mannen. Dat is een aanzienlijk verschil dat niet door één enkele factor wordt verklaard.
Een deel heeft te maken met hormonale schommelingen door de menstruatiecyclus, zwangerschap of de overgang. Een ander deel is sociaal-maatschappelijk: vrouwen nemen vaker de mantelzorg op zich, werken vaker in deeltijd met financiële onzekerheid als gevolg, en lopen vaker aan tegen onbegrip op de werkvloer wanneer klachten niet zichtbaar zijn. Gelukkig neemt de bewustwording langzaam toe, ook bij werkgevers.
De rol van hormonen bij pijn en vermoeidheid
Hormonen spelen een centrale rol in de gezondheid van vrouwen, en dat is complexer dan lang werd aangenomen. Oestrogeen en progesteron beïnvloeden niet alleen de vruchtbaarheid, maar ook het immuunsysteem, het cardiovasculaire systeem en de hersenfunctie.
Oestrogeen beschermt bijvoorbeeld de gewrichten. Zodra de oestrogeenspiegels dalen, zoals rond de menopauze, neemt het risico op gewrichtspijn en -slijtage toe. Dat verklaart mede waarom bepaalde chronische aandoeningen juist na de veertig bij vrouwen vaker opduiken.
Slaap wordt eveneens direct beïnvloed door hormonen. Tijdens de luteale fase stijgt de lichaamstemperatuur licht en worden veel vrouwen onrustiger, met gevolgen voor de slaapkwaliteit. Slechte slaap werkt vervolgens door op stemming, concentratie en pijntolerantie. Praktische manieren om sneller en beter in slaap te vallen kunnen voor vrouwen in wisselende hormoonperiodes al flink schelen.
Waarom mannen vaker hart- en vaatziekten krijgen
Het beeld is niet zwart-wit: bij hart- en vaatziekten scoren mannen juist slechter. Vier procent van de mannen heeft ooit een hartaanval gehad, tegenover twee procent van de vrouwen. Lange tijd werd gedacht dat vrouwen minder vatbaar zijn voor hartklachten, maar dat klopt slechts gedeeltelijk.
Vrouwen krijgen gemiddeld tien jaar later hartklachten dan mannen, maar worden vaker gemist in de diagnose. Hun symptomen wijken af: minder vaak pijn op de borst, vaker misselijkheid, kortademigheid en extreme vermoeidheid. Dat het beeld van hart- en vaatziekten als "een mannenziekte" nog steeds leeft, kost vrouwen aantoonbaar gezondheidswinst, stelt NOS op basis van dezelfde CBS-data.
Wat deze cijfers voor jou betekenen
De CBS-cijfers zijn geen reden tot pessimisme, maar wel een signaal om serieus te nemen. Dat vrouwen gemiddeld minder gezond zijn dan mannen heeft deels biologische wortels, deels te maken met hoe de gezondheidszorg historisch meer gericht is op mannelijke lichamen en symptomen.
Wat je zelf kunt doen: neem klachten serieus en ga vroeg naar de huisarts, ook als ze vaag zijn of niet makkelijk te benoemen. Kennis over je hormoonhuishouding helpt enorm bij het begrijpen van schommelingen in energie, stemming en pijn. Een tekort aan vitamine B draagt bovendien bij aan vermoeidheid en stemmingswisselingen, klachten die bij vrouwen onevenredig vaak voorkomen.
En misschien wel het belangrijkste: weet dat je niet overdrijft. De data bevestigen dat vrouwen meer klachten hebben en dat die klachten reëel zijn. Dat is geen reden om bij de pakken neer te zitten, maar wel een reden om goed voor jezelf te zorgen en je lichaam serieus te nemen.